Chronisch pijn behoeft een geïntegreerde multidisciplinaire zorgbenadering

Chronisch pijn behoeft een geïntegreerde multidisciplinaire zorgbenadering

30-10-2020

In Nederland lijden meer dan 2 miljoen mensen aan chronische pijn. Een fors aantal en daarmee ook een flink maatschappelijk probleem. Onderzoek is dan ook essentieel. Brigitte Brouwers en collega’s publiceerden in het tijdschrift Regional Anesthesia & Pain Medicine (maart 2020) een boeiend artikel over de Dutch DataPain study (DDPS) waarin de bio-psycho-sociale basiswaarden van 11.214 chronische pijnpatiënten zijn beschreven. Uit de studie komt naar voren dat bij 49% van de onderzoekspopulatie de mentale gezondheid onder de Nederlandse norm is. De conclusie luidt dan ook dat dat pijnmanagement uitgevoerd dient te worden binnen een geïntegreerd multidisciplinaire zorgbenadering. Het Rughuis vergeleek de DDPS-resultaten met de eigen data en onderschrijft deze conclusie. De onderzoeksresultaten valideren de psychotherapeutische, individuele, intensieve, begrensde en interdisciplinaire aanpak die Het Rughuis sinds 2012 met succes hanteert.

De onderzoekspopulatie van de Dutch DataPain study bestond uit patiënten die zijn verwezen naar het Universitair Pijncentrum Maastricht (UPCM) in de periode tussen 2003 en 2018. Diverse kenmerken zijn gemeten. Naast patiëntkarakteristieken zijn pijn (o.a. pijnintensiteit), functionele en psychologische waarden (o.a. angst, depressie en denken in catastrofes) en kwaliteit van leven bepaald. Bij aanvang van de studie is dit gedaan met de Rand-36 methodiek; na verloop van tijd gebeurde dit met de verkorte versie, de SF-12V1. De totale score van beide versies zijn verwerkt in een samenvatting waarbij is uitgesplitst naar enerzijds de lichamelijke (PHS) en anderzijds de mentale (MHS) gezondheid van de onderzoekspopulatie. Om de status van de PHS en de MHS te beoordelen zijn de scores vergeleken met de normscores van de Nederlandse bevolking. Wanneer de score voor de PHS en de MHS lager dan 50 is, ligt dit onder de norm wat nog gezien wordt als lichamelijk en mentaal gezond.

 

Complexe groep van chronische pijnpatiënten
De resultaten van de DDPS laten zien dat 71.9% van de onderzoekspopulatie een hevige pijnintensiteit (score tussen 7-10 op een schaal van 0-10) rapporteert; op kwaliteit van leven wordt slechter gescoord naarmate de pijnintensiteit toeneemt. Bij circa 36% van de onderzoekspopulatie lijkt sprake te zijn van angst- en depressieklachten; 39% heeft de neiging te denken in catastrofes over de pijn. De onderzoekers beschrijven patiënten die zowel hoog scoren op pijnintensiteit, angst, depressie en denken in catastrofes als een complexe groep van chronische pijnpatiënten. Wanneer binnen de onderzoekspopulatie deze complexe groep wordt vergeleken met de niet-complexe groep, blijken er significante verschillen te bestaan tussen deze groepen voor de ervaren kwaliteit van leven. Wanneer de PHS en de MHS onder de normscore vallen, kunnen deze patiënten als complex gezien worden. Van de deelnemers aan de DDPS rapporteerde respectievelijk 70.2% een PHS en 49.1% een MHS die onder de normscore ligt.

Empowerment op basis van voorkeuren patiënt
Gelet op de complexiteit van de chronische pijnpatiënt concluderen Brigitte Brouwers en collega’s van het UPCM dat er een behoefte is aan een gepersonaliseerde medische benadering bij de behandeling van chronische pijn. Een van de uitdagingen die gedefinieerd zijn om gepersonaliseerde pijnmanagement te verbeteren en te innoveren, is ‘empowerment’ van de patiënt. Er wordt gesuggereerd dat de kans op een succesvolle behandeling toeneemt als er rekening wordt gehouden met de voorkeuren van de patiënt. Daarom is het volgens de onderzoekers belangrijk om patiënten adequaat te betrekken bij hun behandelkeuzes. Ook is het essentieel de voorkeuren van patiënten, in wat zij als hoogwaardige pijnzorg beschouwen, te kennen. De onderzoekers concluderen dan ook dat de zorg voor complexe patiënten georganiseerd dient te worden binnen een geïntegreerde multidisciplinaire zorgbenadering.

 

De complexe groep pijnpatiënten van Het Rughuis
Het Rughuis is een ambulante S-GGZ instelling die op basis van de DDPS een complexe groep van chronische pijnpatiënten behandelt. Het betreft cliënten met chronische wervelkolomgerelateerde pijnklachten in combinatie met psychische stoornissen (angststoornissen, depressieve stoornissen, somatische symptoomstoornis en verwante stoornissen). Deze cliënten lijden ernstig hieronder; de klachten en stoornissen vormen een ernstige belemmering voor hun functioneren in de sociale en/of werkomgeving. Veelal liggen de psychische problemen ten grondslag aan het pijnprobleem en is er bovendien sprake van een lange behandelgeschiedenis. Het Rughuis behandelt deze cliënten met een interdisciplinaire totaalaanpak vanuit een holistische visie en een trans-syndromaal raamwerk. Binnen dit raamwerk vinden op periodieke momenten ROM’s (routinematige uitkomstmonitoring) plaats. Deze ROM’s genereren data die het multidisciplinaire team van behandelaars gebruikt om resultaten goed te monitoren, de behandeling gericht op het individu af te kunnen stemmen en het treatment design te evalueren en waar nodig bij te stellen. Klinimetrie is vanzelfsprekend een belangrijk onderdeel van de intakeprocedure. Kwaliteit van leven met behulp van de Rand-36 wordt hierbij ook gemeten.

 


Data Het Rughuis vergeleken met DDPS-resultaten
Binnen de DDPS is de complexiteit van de deelnemers eveneens gerelateerd aan een ‘kwaliteit van leven’-score, meer specifiek de PHS en MHS, die onder de normscore van de Nederlandse bevolking ligt. Hierdoor is het mogelijk te kijken hoe de cliënten van Het Rughuis zich hiertoe verhouden. Als steekproef zijn de Rand-36 scores, afgenomen tijdens het intakegesprek (eerste gesprek tussen cliënt en Het Rughuis als dienstverlenende organisatie) van de cliënten die in 2019 zijn ingestroomd (n=2230) geanalyseerd. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het percentage cliënten van Het Rughuis dat wat betreft PHS en MHS onder de norm scoren. Ter vergelijking zijn ook de Rand-36 scores van de DDPS in de tabel vermeld.

 

Tabel: Percentage cliënten Het Rughuis en deelnemers DDPS die wat betreft lichamelijke (PHS) en mentale (MHS) gezondheid, gemeten met de Rand-36, lager scoren dan de norm gerelateerd aan de Nederlandse bevolking

*Verschil N algemeen en man/vrouw doordat niet iedereen heeft aangegeven tot welk geslacht hij/zij behoort.

Geïntegreerde multidisciplinaire zorgbenadering noodzakelijk
De steekproef bij Het Rughuis laat zien dat het merendeel van de cliënten voor zowel lichamelijke (PHS) als mentale (MHS) gezondheid onder de norm (< 50) van de Nederlandse bevolking zit. Voor beiden betreft dit zelfs een groter percentage dan bij de DDPS. Cliënten van Het Rughuis blijken vaak complex wat betreft symptomen en vertonen grote overlap met cliënten met andere diagnoses, bijvoorbeeld angststoornis of depressie. Gelet hierop kan Het Rughuis zich dan ook helemaal vinden in de aanbeveling van Brigitte Brouwers en collega’s dat de zorg voor deze complexe groep van chronische pijnpatiënten georganiseerd dient te worden binnen een geïntegreerde multidisciplinaire zorgbenadering. Op basis van de laatste wetenschappelijke inzichten heeft Het Rughuis haar zorgtraject volledig ingericht op deze complexe groep, en daarbij het accent gelegd op wervelkolom- gerelateerde pijn. Het Rughuis is er dan ook van overtuigd dat een interdisciplinaire totaalaanpak die inspeelt op de dynamiek en pluriformiteit van haar cliënten, de enige manier is om ervoor te zorgen dat de wens van de cliënt, namelijk hem met al zijn kwetsbaarheden te leren om zijn leven te leven, met een op maat gesneden en begrensd programma gerealiseerd kan worden. Het is een aanpak die Het Rughuis al sinds 2012 inzet, met duurzame resultaten als gevolg.

Meer weten over dit onderzoek? Neem dan contact op met dr. Jeroen de Jong, Head of Science Het Rughuis en PHI. E-mail: jeroen.dejong@yunify.nl


Terug naar het overzicht